Ouderen van nu hebben de toekomst

Zo lang mogelijk zelfstandig wonen in de eigen vertrouwde omgeving wordt voor steeds meer mensen belangrijk. Staat u er wel eens bij stil wat voor u belangrijk is om plezierig te kunnen wonen en leven als u ouder wordt? Delft voor Elkaar denkt met u mee en helpt u om alle mogelijkheden op een rijtje te zetten.

Persoonlijk

Veel mensen wonen al jaren in Delft en willen dat graag blijven doen. Ook als ze ouder worden of een beperking hebben. Daarbij is het van belang dat bijvoorbeeld uw woning en leefomgeving geschikt zijn en zoveel mogelijk aansluiten bij uw persoonlijke behoeften. Soms is dat alleen mogelijk met een steuntje in de rug. Die zijn er in vele soorten en maten. We hebben gemerkt dat veel ouderen niet alle mogelijk­heden kennen. Een persoonlijk gesprek kan daarbij helpen.

Informatief Gesprek Thuis

Tijdens een Informatief Gesprek Thuis praat u met uw naaste en een hiervoor speciaal opgeleide vrijwilliger van Delft voor Elkaar over uw woonwensen. Er is ook gelegenheid om van gedachten te wisselen over sociale contacten, actief zijn en blijven, vervoer, veiligheid, financiën en adminis­tratieve zaken. Dit zijn allemaal dingen die helpen om op een prettige manier zelfstandig te kunnen blijven wonen.

Tijdens het gesprek kunt u uw persoonlijke wensen vertellen. Samen bespreekt u hoe u deze kunt realiseren. Het gesprek is vertrouwelijk en aan het einde hiervan heeft u een goed beeld wat mogelijk is om lang en goed in uw eigen vertrouwde omgeving te kunnen blijven wonen. Zo bent u goed voorbereid op de toekomst.

Informatie en aanmelden

Als u zich aan wilt melden voor een gesprek of als u vragen hebt, neem dan contact op met Delft voor Elkaar via 015 760 02 00 of info@delftvoorelkaar.nl o.v.v. Informatief Gesprek Thuis.

 

Lees hier onze volledige themapagina ‘Er is meer mogelijk dan u denkt’

 

 

 

Ouderenadviseurs: ‘Trek op tijd aan de bel’

De ouderenadviseurs/cliëntondersteuners van Delft voor Elkaar zijn van veel markten thuis: ze bieden hulp, informatie en steun bij vragen en problemen op het gebied van wonen, zorg, welzijn, financiën en vervoer. Ouderenadviseurs Elaine Dingemans en Colja de Roo over uitstelgedrag, ‘zelf doen’ én de charme van mensen helpen.

Nee, ze vervelen zich bepaald niet, de ouderenadviseurs. De adviseurs komen onder meer in actie na een telefoontje naar Delft voor Elkaar (015  760 02 00) van de oudere zelf, van een familielid, of na eem melding van een huisarts, een thuiszorgmedewerker of een bezorgde buurvrouw. “In eerste instantie gaan we op huisbezoek’’, zegt oudenadviseur Elaine Dingemans. “Daar kun je zien hoe iemand erbij zit. Dat helpt om beter in te schatten wat er eventueel nodig is op het gebied van financiën, wonen, zorg of welzijn.’’

“In ongeveer een uur hebben we een goed beeld. Soms kun je met elkaar snel al iets oplossen. Bijvoorbeeld samen met de cliënt op een computer kijken en mensen wijzen op een website waar ze alle informatie kunnen vinden. En ls het nodig is, brengen we mensen meteen in contact met de juiste instantie.’’

Zelf doen

Daarnaast besteden de adviseurs veel aandacht aan het hoofdstuk ‘zelf doen’ en het doornemen van het eigen netwerk. Voorop staat immers dat alle inwoners van Delft mee kunnen doen. En dat iedereen die dat wil zo lang mogelijk zelfstandig kan blijven wonen.

Elaine: “Veel mensen die problemen krijgen, vinden het vervelend om hulp te vragen aan een buurman of buurvrouw of een familielid. Ze schamen zich soms ook. Terwijl in verreweg de meeste gevallen blijkt dat die buren het juist fijn vinden om te helpen. Dat zien wij gelukkig ook veel in onze dagelijkse praktijk: ik krijg er vaak kippenvel van hoeveel mensen doen voor een ander.’’

Uit dat laatste vloeit dan ook direct een tip van de ouderenadviseurs: investeer ook al in je netwerk als je nog gezond bent. Als je op een gegeven moment minder fit wordt, is de drempel veel lager om hulp te vragen aan vrienden of buren.

Administratie

Naast de mogelijkheden om zelf actie te ondernemen, wijzen de ouderenadviseurs op vrijwilligersorganisaties en professionals die hulp kunnen bieden. Zo werken ouderenadviseurs samen met Financiën voor Elkaar. Hierbij krijgen inwoners hulp bij administratie, financiën en ondersteuning bij aanvragen.

Via Delft voor Elkaar kun je een afspraak maken voor de ‘Formulierenbrigade’. Ook zijn er inloopspreekuren waar je zo naar binnen kan. Verder werken veel vrijwilligers één op één met klanten voor wie zij de administratie op orde houden en bijhouden.

Iets nieuws is ‘Administratie weer op poten’. Vrijwilligers helpen klanten om de administratie uit te zoeken en op te ruimen. De klant wordt hierbij in maximaal drie keer geholpen. Dat gebeurt op kantoor (bij Delft voor Elkaar), maar het kan ook met een huisbezoek.

Colja: “Mensen zijn geneigd om zaken uit te stellen, en kloppen vaak pas bij ons aan als het uit de hand loopt. Dat zien we bijvoorbeeld regelmatig bij ouderen met geheugenproblemen. Of bij mensen die door lichamelijke problemen nauwelijks meer buiten komen en zich eenzaam voelen.’’ En ja, dan komen de ouderenadviseurs ook schrijnende verhalen tegen. Zeker als er een vermoeden is (of als er een melding is gekomen) van financiële uitbuiting of misbruik, is een voorzichtige, subtiele aanpak noodzakelijk.

Verbeteren

De ouderenadviseurs kunnen dus wijzen op mogelijkheden en moeten soms ook kordaat optreden. Colja de Roo: “Soms zegt de familie van een oudere, of de oudere zelf: ‘het gaat nog best’, terwijl wij heel snel zien dat het eigenlijk helemaal niet meer goed gaat, dat er echt hulp nodig is. Vaak kunnen wij met heel kleine dingen of tips de situatie al verbeteren. Bijvoorbeeld door het organiseren van huishoudelijke hulp, of helpen bij het zoeken naar vervoer.’’

Ook hebben de ouderenadviseurs oog voor de mantelzorgers. Om de zorg vol te kunnen houden, zijn soms juist de mantelzorgers degenen die steun nodig hebben. Een ‘buddy’ (vrijwilliger) die iets gezelligs met de oudere onderneemt of samen boodschappen doet kan voor alle betrokkenen verlichting bieden. Dat geldt ook voor deelname aan een groep voor lotgenotencontact.

En nee, niet voor elk probleem kan Delft voor Elkaar direct een vrijwilliger of professional tevoorschijn toveren. Colja: ,,Maar er is heel veel mogelijk om weer een beetje lol in het leven te krijgen. Daar halen wij ook onze voldoening uit. Natuurlijk is het niet leuk dat je op een bepaalde leeftijd sommige dingen niet meer zelf kunt of dat je je eenzaam voelt. Maar als cliëntondersteuner kunnen we met humor, met inlevingsvermogen én verstand van zaken mensen verder helpen. Daarom hebben wij ook zo’n mooi vak: mensen helpen, dat is heerlijk!’’

Bekijk hier het artikel in de Delftse Post van 20 maart 2019

 

 

Zorg voor jezelf én voor een ander

“Blijf actief bij vergeetachtigheid en dementie”

Debora van der Ende, sociaal makelaar dementie

 

In het kader van een dementie­vriendelijk Delft is Debora van der Ende sinds begin 2019 actief als sociaal makelaar dementie bij het project ‘je passie vergeet je niet’. Zij helpt mensen met dementie, of het vermoeden van dementie, bij het vinden van plezierige vrijetijdsbesteding of passend vrijwilligerswerk.

Iedereen hoort er bij

Meedoen is voor iedereen belangrijk. Het levert bijvoor­beeld sociale contacten op en het gevoel dat je erbij hoort en ertoe doet. Debora: “Ook voor mensen met vergeetachtigheid of dementie is het belangrijk om actief te blijven en dat is heel goed mogelijk door deel te nemen aan ‘gewone’ activiteiten of vrijwilligerswerk. Talenten en interesses zijn daarbij een goed uitgangspunt. Daarom kijk ik samen met de persoon waar zijn of haar passie ligt en ga ik op zoek naar passend vrijwil­ligerswerk of activiteiten waar zij plezier aan beleven.

Samen

Je kunt bij de sociaal makelaar terecht voor inspiratie, advies en begeleiding. Ook nadat je een activiteit gevonden hebt. Debora blijft dus in beeld voor de per­soon met dementie. “ In het begin ga ik bijvoorbeeld mee naar het vrijwilligerswerk en als het nodig is schakel ik een vrijwilliger in die de persoon met dementie wat langer begeleidt. Daarnaast geef ik op het vrijwilligerswerk of bij de vrijetijdsactiviteit informatie, zoals hoe om te gaan met mensen met dementie. Zo zorgen we samen voor een dementievriendelijke omgeving.”

Contact en meer informatie

Wil je meer weten over dit project of wat de sociaal makelaar voor jou kan betekenen? Neem dan contact op met Delft voor Elkaar via info@delftvoorelkaar.nl of 015-760 02 00.

 

Stevig in je schoenen

‘Stevig in je schoenen’ is een trai­ning voor mensen die iemand thuis verzorgen. Je leert bijvoor­beeld evenwicht te vinden tus­sen belasting en belastbaarheid, hoe je op een verantwoorde manier je naaste naar het toilet begeleidt en welke hulpmidde­len ingezet kunnen worden. Tijdens de cursus doe je ook spierversterkende en ontspan­ningsoefeningen.

De cursus bestaat uit zes bijeen­komsten en start 5 maart om 10.00 uur bij Ontmoetingscen­trum Mozartlaan, Mozartlaan 422. Aanmelden en meer infor­matie: administratie@delftvoor­elkaar.nl of 015 7600 200 (vraag naar Natasja de Vroome).

 

Vrijdag Filmcafé: ga ook mee!

Naar de film en geen zin om alleen te gaan? Kom dan naar het Vrijdag Filmcafé in Lumen op het Doelenplein. Om de vier weken ben je vanaf 14.00 welkom. De films starten vanaf 14.30 uur. Er is keuze uit twee films en gelegenheid om met elkaar na te praten in de ge­zellige foyer. Vrijdag 22 februari is de keuze Greenbook of If Beale Street Could Talk. Kosten € 7,50 per keer, inclusief een kopje koffie of thee.

Aanmelden is noodzake­lijk via vrijdagfilmcafe@gmail.com of telefonisch via 06 30 49 18 03

 

Durf te vragen!

Heb je vragen over wonen, zorg, welzijn, financiën of sport? Delft voor Elkaar helpt je verder. Ga naar één van de wijkcontactpunten, stuur een mail naar info@delftvoorelkaar.nl of bel met het centrale nummer van Delft voor Elkaar via 015 76 00 200.

 

Bekijk hier de versie uit de krant

 

Mantelzorg: ‘We doen het met liefde, maar de druk is hoog’

Mantelzorger, dat ben je niet, dat word je vanzelf. Een boodschap voor een zieke zus. Even met de buurvrouw naar de fysio. Lief bedoeld en heel  belangrijk. Maar voor je het weet ben je ‘in dienst’ en verandert die enkele keer in een dagtaak.

Ton en Katrien Wiebolt herkennen het. Hij (81) zorgt voor zijn zieke broer van 89. Zij (83) loopt haar 95-jarige schoonzus na. Ze doen het met liefde en zijn gelukkig topfit. Maar de druk is hoog…

Met liefde

De broer van Ton Wiebolt kon zich aanvankelijk nog wel redden. “Op een bepaald moment merkte ik dat hij zich niet goed meer verzorgde. Bovendien was hij gevallen en kon hij steeds minder. Eigenlijk kan hij niet thuis blijven wonen, maar hij komt nog niet in aanmerking voor een plek in een zorgcentrum omdat hij daar ‘te goed’ voor is. Ik ga om de dag eten brengen, doe de boodschappen en maak samen met mijn vrouw zijn huis schoon. We zijn dus veel met mijn broer in de weer en dat doen we met liefde. Maar het komt elke dag terug want er is altijd wel iets.”

Het verhaal van de schoonzus van Katrien is vergelijkbaar. Zij woont wel in de verzorging, maar heeft desondanks veel aandacht nodig. “Kan je even dit halen, wil je even dat kopen. En ze belt op de gekste momenten”, zegt Katrien. “Weet je wat het is met mantelzorg: je loopt de hele dag op je telefoon te kijken omdat je niet weet wanneer je broer of schoonzus belt. Je bent er in gedachten altijd mee bezig. Dat is eigenlijk veel vermoeiender dan de dingen die je voor ze doet. Die onrust.”

Optimistisch van aard

Ton en Katrien hebben goed contact met Colja de Roo van het Delfts Zorg Abonnement. “We kunnen haar altijd bellen en als het nodig is regelt ze dingen voor ons. Dat is fijn. En wij zijn gelukkig nog samen en allebei optimistisch van aard. Dat scheelt ook. Maar we worden er niet jonger op…”

 

Jonge mantelzorger Giliana: ‘Dat dóe je gewoon’

Als jonge mantelzorger zorgde Giliana Sintjago, destijds 14 jaar, op Curaçao voor haar broertje van 3 jaar. Haar moeder had immers een baan én zorgde voor een demente tante. Giliana: “Ik wist niet beter.”

Het begon met steeds dezelfde verhalen vertellen en afspraken vergeten. Giliana: “Later ontdekten we dat mijn tante Alzheimer had: ze douchte niet meer en liep steeds vaker weg. Op een dag belde de politie: ze hadden mijn tante van straat geplukt.’’ De moeder van Giliana nam een besluit: zij zou – naast haar baan – voor tante gaan zorgen. En Giliana kon wel voor haar kleine broertje zorgen. Giliana: “Ik heb ook twee oudere broers, maar die werkten al.’’

Voor Giliana was haar nieuwe situatie vanzelfsprekend. “Dat dóe je gewoon. Het was iets dat moest gebeuren.’’ Wel had het mantelzorgerschap invloed op haar eigen sociale leven. “Mijn klasgenoten wisten van mijn situatie, hielden ook wel rekening met mij. Maar mijn enige soci­ale contacten had ik op school, buiten schooltijd kon ik niks leuks doen.’’

Sterke vrouw

Het leven als mantelzorger had nóg een effect, zegt Giliana. “De band met mijn moeder ver­anderde. Mijn moeder is een sterke vrouw en had veel liefde voor mijn tante, maar als ze thuiskwam was ze erg moe. Dat begreep ik heel goed, er was minder tijd om samen nog iets te doen. En door het zorgen voor mijn broertje heb ik met hem wél een heel sterke band opgebouwd. Ik ben sinds een paar maanden in Nederland voor mijn studie maat­schappelijke zorg en hij is nog op Curaçao. Ik mis hem heel erg.’’

Inmiddels is haar tante overle­den en kan Giliana, nu 19 jaar, van een afstand terugkijken op haar situatie. “Niet iedereen kan goed omgaan met mensen met Alzheimer. Mijn moeder kon dat wel, ik ben trots op wat ze voor mijn tante heeft gedaan. En mijn moeder is ook trots op mij. Iemand anders helpen geeft een goed gevoel en het maakte mij zelfstandig. Maar ik heb, doordat ik mantelzorger was – dat woord ken ik trouwens pas een paar weken – ook wat gemist.’’

En nu heeft Giliana opeens een andere rol: ze helpt als ‘ervarings­deskundige’ andere mantelzor­gers. Giliana straalt: “Ik help nu bij de organisatie van het festival voor jonge mantelzorgers. Heel mooi om te doen. Ook omdat ik weet hoe belangrijk het is voor (jonge) mantelzorgers om af en toe waardering te krijgen en iets leuks te doen.’’

Nieuwsgierig naar onze themapagina over mantelzorg? Bekijk ‘m hier!

 

Iedereen een maatje

Mirona van der Linde (links op de foto): “met oprechte interesse, inlevingsvermogen, geduld en optimisme kom je al een heel eind. Bovendien leer je, door een ander te helpen ook meer over jezelf”.

Maatjes gezocht!
Het levert extra energie, een groter netwerk én meer zelfvertrouwen op: als vrijwilliger help je niet alleen een ander, maar ook jezelf. In Delft en omstreken zijn veel organisaties op zoek naar nieuwe vrijwilligers. Zet jij die ene stap? De coördinatoren Marjolijn Maas (Buddy Netwerk), Janine Gilliot (Informele Zorg en Ondersteuning, IZO) en Mirona van der Linde (Bezoekdienst Dementie) zien het gelukkig vaak gebeuren.

Of je als vrijwilliger nu op bezoek gaat bij een eenzame man, bij een dementerende vrouw of een gezin met problemen: als buddy, als maatje, kun je het verschil maken. Marjolijn Maas: “Een eenzame cliënt die begint te stralen als de vrijwilliger binnenkomt, die nieuwe energie krijgt, dat is mooi om te zien. De ‘magie’ die ontstaat als er een goede klik is, die is onbetaalbaar!’’

Een van de taken van Marjolijn en haar collega-coördinatoren is het zoeken naar een goede ‘match’ tussen vrijwilliger en hulpvrager. “Wij zoeken raakvlakken in interesses, bijvoorbeeld sport of tuinieren. Soms merk je al meteen dat beide karakters goed bij elkaar passen.’’

Onbetaald en onbetaalbaar
Veel Delftse organisaties voor vrijwilligershulp kunnen heel goed vrijwilligers gebruiken, bevestigt Janine Gilliot. Zij ziet geregeld dat mensen nog een vertekend beeld hebben van hun vrijwilligerstaken.

“Als vrijwilliger gaat het niet alleen om ‘geven’. Ga vooral iets doen wat bij je past. Dan levert het je ook wat op: een groter netwerk, je leert nieuwe mensen of nieuwe culturen kennen, er ontstaan nieuwe vriendschappen – soms ook tussen collegavrijwilligers – én je krijgt meer zelfvertrouwen omdat je ziet hoe belangrijk je bent voor een ander.

Vrijwilligerswerk is onbetaald werk, maar wat je doet is onbetaalbaar.’’ wel minder gezond zijn dan jij zelf, of het minder getroffen hebben dan jij.

Interesse
Diploma’s zijn niet nodig om een goede vrijwilliger te worden, zegt coördinator Mirona van der Linde: met oprechte interesse, inlevingsvermogen, geduld en optimisme kom je al een heel eind. Bovendien leer je, door een ander te helpen ook meer over jezelf, vindt Mirona. “Naast een goed gevoel – je ziét dat je nodig bent – staat het ook goed op je cv. En natuurlijk kun je jezelf verder ontwikkelen, bijvoorbeeld door het volgen van trainingen die we aanbieden.’’

En nee, vrijwilligerswerk is ook niet leeftijdsgebonden. Dus of je nu 17 jaar bent en één keer per week voorleest aan een kind met een taalachterstand of al wat meer levenservaring hebt en herinneringen ophaalt met een oudere man : je talenten inzetten kan altijd. Mirona: “Onze oudste vrijwilliger is 91 jaar, en het klikt enorm met haar cliënt. Geweldig!”

Informatie
Wil je geen maatje worden, maar ben je wel benieuwd naar andere vormen van vrijwilligerswerk? Op de website van Delft voor Elkaar vind je alle mogelijkheden. Bekijk ze in de vrijwilligersvacaturebank: delftvoorelkaar.nl/vacatures. Of bel met Delft voor Elkaar: 015 760 02 00.

Bekijk onze volledige themapagina van september.

 

 

Stage - Delft voor Elkaar - Header

‘Mijn stage geeft zoveel energie!’

Valesca Kloostra is een jongedame met een enorme positieve drive. Haar stage bij VTV, onderdeel van Delft voor Elkaar, is haar op het lijf geschreven. Het werken met (jonge) mensen met een beperking geeft haar energie. ‘Ik vind het fantastisch!’

Ze zijn met velen: jonge mensen die een studie volgen én zich bijzonder nuttig maken voor mensen die een steuntje in de rug goed kunnen gebruiken. Valesca Kloostra is er eentje.

De studente Social Work ontfermt zich in haar schaarse vrije tijd over mensen met een beperking. “Ik begeleid die mensen op allerlei gebieden die met vrije tijd te maken hebben”, zegt Valesca. “Vanuit mijn studie had ik de opdracht een stageplek te zoeken waarbij ik een voor mij ‘onbekende’ doelgroep moest begeleiden. Ik wist dus eigenlijk niet zo goed waar ik aan zou beginnen, maar geloof me, dit geeft ontzettend veel energie. Ik vind het werken met deze mensen echt fantastisch!”

Grenzen stellen
Valesca noemt vooral de onbevangenheid van haar nieuwe vrienden als een groot goed. “Alles wat ze doen, doen ze met volle overtuiging. Daarbij maken ze fouten, maar dat beseffen ze niet altijd. En dus zitten ze er ook niet mee. Ik ken iemand die zoekt -bewust of onbewust- je personal space op. Een beetje ondeugend soms. Dan moet je wel eens een grens stellen, maar daar leer je heel veel van.”

Humor is belangrijk
Je hebt, heeft Valesca in haar stage geleerd, wel een paar specifieke kwaliteiten nodig om op een goede manier met deze doelgroep om te kunnen gaan. “Humor is belangrijk”, zegt ze, “dingen met een knipoog kunnen zeggen en vooral heel flexibel zijn.”

Veel energie
Tegen leeftijdgenoten die nog niet aan een dergelijke stage toe zijn gekomen zegt ze: “Doe het ook! Het werk geeft ontzettend veel energie en je krijgt van de mensen zo veel terug! Bovendien is het een prachtige ervaring voor je verdere loopbaan. Ik zou het zo weer doen! Daarom ben ik nu vrijwilliger.”

Bekijk hier onze hele themapagina

Stichting Present

Alleen maar winnaars met nieuwe ontmoetingen

Studenten die een verwilderde tuin opknappen. AH-managers die bij Ipse de Bruggen een dagdeel mensen met een beperking een leuke middag bezorgen. Of een gezin dat een ochtend gaat wandelen met ouderen: Stichting Present Delft koppelt al vijf jaar groepen vrijwilligers aan ‘klussen’. Of beter gezegd: mensen aan mensen.

Beppie van de Hoef (24) is een van de Present-vrijwilligers. De TU-studente helpt met een groep collega-studenten geregeld mee met ‘acties’. Bijvoorbeeld een stampvol huis opruimen van een bewoner die dat door fysieke of psychische problemen niet meer zelf kan, of een verwaarloosde tuin weer toonbaan maken. Beppie: “Ik vind het mooi om andere mensen te helpen. Dat geeft voldoening, zeker omdat je met een groep een enorm resultaat kunt boeken. Daarnaast geeft dit vrijwilligerswerk me een breder beeld van wat er speelt in de stad. Ik bedoel: ik weet heus wel dat er in Delft mensen zijn die het moeilijk hebben. Maar als je, in je eigen buurt, in een compleet vervuild huis gaat helpen bij een bewoner die het zelf niet meer voor elkaar krijgt, komt dat heel anders binnen. En mensen zijn zó dankbaar voor je hulp, dat doet je natuurlijk ook goed.’’

“Ik vind het mooi om andere mensen te helpen.
Dat geeft voldoening, zeker 
omdat je met een groep enorm resultaat kunt boeken”


Ontmoeting

Bovenstaande klinkt de Present-coördinatoren Helma Sollie en Dorothea Langeveld bekend
in de oren. Beide ‘verbinders’ zijn voortdurend op zoek naar zinvolle ‘matches’ om hulp te
bieden aan mensen die dat nodig hebben. Bij het vijfjarig bestaan hebben Helma en Dorothea een positieve boodschap: er zijn veel Delftenaren die willen helpen. En ja, die hulp is nodig. Helma Sollie: “Een groep vrijwilligers hielp eerder dit voorjaar in een verzorgingshuis; ze gingen een ochtend wandelen met de bewoners. De ouderen waren dolgelukkig: een oudere man vertelde dat hij vijf maanden niet buiten was geweest. Dan springen de tranen toch in je ogen?’’

Tijdgeest
Stichting Present heeft de tijdgeest mee, bevestigt coördinator Dorothea Langeveld: “Veel mensen helpen graag een ander, maar willen zich niet langdurig binden.’’ En dat past precies bij de formule van onze organisatie. Het aantal bedrijven en scholen dat via stichting Present vrijwilligersacties onderneemt, groeit dan ook gestaag. En ja, in elke groep en bij elke klus gebéurt iets met mensen, zegt Helma. “Mensen komen in beweging. We zien regelmatig dat je iemand uit een negatieve spiraal kunt halen, of dat degene die wordt geholpen weer vertrouwen krijgt in de medemens.’’

Bekijk hier de pagina in de krant met het thema: vrijwilligershulp.

 

‘Niemand gaat hier met lege handen weg’

Hulp vragen, hulp krijgen en daarna anderen helpen: Asma Wafai gelooft daar sterk in. De geboren Afghaanse klopte aan bij Samieh Nabhani van het wijkcontactpunt van Delft voor Elkaar. Inmiddels helpt Asma zelf andere Afghaanse vrouwen. “We hebben elkaar nodig.’’

“Ik had een grote koffer met brieven”, blikt Asma glimlachend terug. “Daarmee ging ik naar Samieh; ik wist niet welke brieven ik moest weggooien en welke ik moest bewaren. Samieh leerde me wat belangrijk was en wat niet. Nu bewaar ik de belangrijke brieven in mappen, de andere gooi ik weg. Ik kan het nu zelf.’’

Wijkcontactpunt
De paden van Asma, die 12 jaar geleden met haar ernstig zieke man in Delft kwam wonen, en Samieh kruisten elkaar al eerder. Nu weet Asma de weg te vinden naar een wijkcontactpunt van Delft voor Elkaar, tegenwoordig ook in Die Buytenweye aan de Chopinlaan. Bij het wijkcontactpunt lossen Samieh en haar collega’s de eenvoudige vragen direct op. Voor de meer ingewikkelde vragen wordt een vervolgafspraak gemaakt. Samieh: “Veel vragen gaan over financiën, over zorg, verzekeringen en het ziekenhuis. Of mensen willen weten waar ze taallessen kunnen volgen.’’

Op weg
Delft voor Elkaar wil mensen vooral op weg helpen, zegt Samieh. “Niemand gaat hier met lege handen weg. We geven je geen geld, maar we kunnen je altijd verder helpen met de juiste adressen. Soms brengen we je op nieuwe ideeën, of we leren je iets wat je een volgende keer zelf kan doen.’’ Zo bezocht Samieh, die Farsi, Arabisch en Nederlands spreekt, een keer de gemeente, samen met een vrouw die dat niet zelf durfde. Het eerste deel van de afspraak deed Samieh het woord, daarna nam de vrouw het over en deed het zelf. Samieh: “Later kwam ze langs om me te bedanken. ‘Nu durf ik veel meer zelf!’, zei ze.’’

Behulpzaam
De Afghaanse Asma knikt. “Samieh is een heel lieve, behulpzame vrouw. Nu kan ik bij de Afghaanse Vereniging in De Vleugel ook andere vrouwen helpen, bijvoorbeeld met ziekenhuisbezoek, of voordoen hoe de geldautomaat werkt.’’ “Ik was lange tijd mantelzorger voor mijn zieke man; hij is inmiddels overleden. Omdat ik weinig mijn huis uitkwam, werd mijn Nederlands niet beter. Maar nu wil ik de taal weer beter leren spreken.’’ Ze lacht: “Ik zal wel moeten: mijn schoonzoon komt uit Suriname en mijn drie kleinkinderen spreken alleen Nederlands.’’ En ook die nieuwe kennis wil ze verder benutten. “Als ik beter Nederlands spreek, heb ik meer contact met de mensen om me heen en kan ik anderen beter helpen. En zo moet het zijn: iedereen moet elkaar helpen.”

Bekijk hier de volledige themapagina

 

Vrijwilligers maken Delftenaren financieel wegwijs

Workshop geeft mensen weer inzicht in hun financiën

Krijgt u de kriebels van de belastingaangifte, rekeningen en ingewikkelde formulieren? Troost, u bent niet de enige. En nog meer troost: als u er niet zelf uitkomt, is er via Delft voor Elkaar hulp mogelijk bij het op orde brengen van uw administratie thuis. “Klop alsjeblieft op tijd aan bij ons. Daarmee kun je schulden en grote financiële problemen voorkómen.”

Johan van den Beukel (71 jaar) schrikt niet van formulieren. Dat is logisch: een groot deel van zijn werkzame leven bij de gemeente Leidschendam-Voorburg vulde hij met financieel-administratieve zaken. Sinds 2004 maakt hij als vrijwilliger bij de thuisadministratie mensen financieel wegwijs.

 

Individuele workshop
Delftenaren die Delft voor Elkaar benaderen voor hulp, kunnen bij Johan of een collega- vrijwilliger een individuele workshop volgen. Johan: “Bij een workshop ga ik samen met een cliënt – één op één dus – de boel ordenen. Dat doen we met behulp van de NIBUD-tabbladen in een ordner; dat overzicht geeft al inzicht.’’ De workshop bestaat uit maximaal drie sessies. Johan: “Soms is één sessie al genoeg.”
De mensen die de workshops volgen zijn heel divers. Vaak zijn het mensen die moeite hebben met de taal en in veel gevallen gaat het om mensen die eerst toeslagen van de Belastingdienst hebben ontvangen, en dan opeens – vaak duizenden euro’s – moeten terugbetalen. Dat geld is er dan niet meer.’’

 

Johan: ‘Mensen helpen die het moeilijk hebben, daar doe ik het voor’

 

Vaste klanten
Naast de individuele workshops ondersteunt Johan vaste klanten die er zelf niet uitkomen.
Bij één cliënt, die Johan steevast ‘administratie-engel’ noemt, komt hij al jarenlang. “Natuurlijk heeft mensen helpen een sociaal aspect, maar ik houd het behoorlijk zakelijk. Dat betekent ook: doorverwijzen naar andere professionele hulp als ik zie dat daar behoefte aan is. Ik ga bijvoorbeeld niet mee op ziekenhuisbezoek als een cliënt daar om vraagt.’’ Johan is elke week in touw om andere mensen te helpen. “Soms hebben mensen gewoon wat
vragen en kunnen ze prima zelfstandig verder, maar het komt ook voor dat hier iemand met twee vuilniszakken vol post, ook met ongeopende rekeningen, op de stoep staat. Dat laatste is niet de bedoeling, dan heb je te lang gewacht. Als dat gebeurt – vaak uit schaamte of door onderschatting van het probleem – verwijzen we door naar de schuldhulpverlening, naar de Financiële Winkel. Wij bieden alleen hulp bij thuisadministratie.’’ “Mensen helpen die het moeilijk hebben, daar haal ik mijn voldoening uit’’, zegt Johan. “En als je dan ziet dat mensen die op tijd aan de bel trokken, er met een beetje hulp verder zelf uitkomen, dan weet je: dáár doe ik het voor.’’

 

Bekijk hier de volledige themapagina