‘Niemand gaat hier met lege handen weg’

Hulp vragen, hulp krijgen en daarna anderen helpen: Asma Wafai gelooft daar sterk in. De geboren Afghaanse klopte aan bij Samieh Nabhani van het wijkcontactpunt van Delft voor Elkaar. Inmiddels helpt Asma zelf andere Afghaanse vrouwen. “We hebben elkaar nodig.’’

“Ik had een grote koffer met brieven”, blikt Asma glimlachend terug. “Daarmee ging ik naar Samieh; ik wist niet welke brieven ik moest weggooien en welke ik moest bewaren. Samieh leerde me wat belangrijk was en wat niet. Nu bewaar ik de belangrijke brieven in mappen, de andere gooi ik weg. Ik kan het nu zelf.’’

Wijkcontactpunt
De paden van Asma, die 12 jaar geleden met haar ernstig zieke man in Delft kwam wonen, en Samieh kruisten elkaar al eerder. Nu weet Asma de weg te vinden naar een wijkcontactpunt van Delft voor Elkaar, tegenwoordig ook in Die Buytenweye aan de Chopinlaan. Bij het wijkcontactpunt lossen Samieh en haar collega’s de eenvoudige vragen direct op. Voor de meer ingewikkelde vragen wordt een vervolgafspraak gemaakt. Samieh: “Veel vragen gaan over financiën, over zorg, verzekeringen en het ziekenhuis. Of mensen willen weten waar ze taallessen kunnen volgen.’’

Op weg
Delft voor Elkaar wil mensen vooral op weg helpen, zegt Samieh. “Niemand gaat hier met lege handen weg. We geven je geen geld, maar we kunnen je altijd verder helpen met de juiste adressen. Soms brengen we je op nieuwe ideeën, of we leren je iets wat je een volgende keer zelf kan doen.’’ Zo bezocht Samieh, die Farsi, Arabisch en Nederlands spreekt, een keer de gemeente, samen met een vrouw die dat niet zelf durfde. Het eerste deel van de afspraak deed Samieh het woord, daarna nam de vrouw het over en deed het zelf. Samieh: “Later kwam ze langs om me te bedanken. ‘Nu durf ik veel meer zelf!’, zei ze.’’

Behulpzaam
De Afghaanse Asma knikt. “Samieh is een heel lieve, behulpzame vrouw. Nu kan ik bij de Afghaanse Vereniging in De Vleugel ook andere vrouwen helpen, bijvoorbeeld met ziekenhuisbezoek, of voordoen hoe de geldautomaat werkt.’’ “Ik was lange tijd mantelzorger voor mijn zieke man; hij is inmiddels overleden. Omdat ik weinig mijn huis uitkwam, werd mijn Nederlands niet beter. Maar nu wil ik de taal weer beter leren spreken.’’ Ze lacht: “Ik zal wel moeten: mijn schoonzoon komt uit Suriname en mijn drie kleinkinderen spreken alleen Nederlands.’’ En ook die nieuwe kennis wil ze verder benutten. “Als ik beter Nederlands spreek, heb ik meer contact met de mensen om me heen en kan ik anderen beter helpen. En zo moet het zijn: iedereen moet elkaar helpen.”

Bekijk hier de volledige themapagina

 

Vrijwilligers maken Delftenaren financieel wegwijs

Workshop geeft mensen weer inzicht in hun financiën

Krijgt u de kriebels van de belastingaangifte, rekeningen en ingewikkelde formulieren? Troost, u bent niet de enige. En nog meer troost: als u er niet zelf uitkomt, is er via Delft voor Elkaar hulp mogelijk bij het op orde brengen van uw administratie thuis. “Klop alsjeblieft op tijd aan bij ons. Daarmee kun je schulden en grote financiële problemen voorkómen.”

Johan van den Beukel (71 jaar) schrikt niet van formulieren. Dat is logisch: een groot deel van zijn werkzame leven bij de gemeente Leidschendam-Voorburg vulde hij met financieel-administratieve zaken. Sinds 2004 maakt hij als vrijwilliger bij de thuisadministratie mensen financieel wegwijs.

 

Individuele workshop
Delftenaren die Delft voor Elkaar benaderen voor hulp, kunnen bij Johan of een collega- vrijwilliger een individuele workshop volgen. Johan: “Bij een workshop ga ik samen met een cliënt – één op één dus – de boel ordenen. Dat doen we met behulp van de NIBUD-tabbladen in een ordner; dat overzicht geeft al inzicht.’’ De workshop bestaat uit maximaal drie sessies. Johan: “Soms is één sessie al genoeg.”
De mensen die de workshops volgen zijn heel divers. Vaak zijn het mensen die moeite hebben met de taal en in veel gevallen gaat het om mensen die eerst toeslagen van de Belastingdienst hebben ontvangen, en dan opeens – vaak duizenden euro’s – moeten terugbetalen. Dat geld is er dan niet meer.’’

 

Johan: ‘Mensen helpen die het moeilijk hebben, daar doe ik het voor’

 

Vaste klanten
Naast de individuele workshops ondersteunt Johan vaste klanten die er zelf niet uitkomen.
Bij één cliënt, die Johan steevast ‘administratie-engel’ noemt, komt hij al jarenlang. “Natuurlijk heeft mensen helpen een sociaal aspect, maar ik houd het behoorlijk zakelijk. Dat betekent ook: doorverwijzen naar andere professionele hulp als ik zie dat daar behoefte aan is. Ik ga bijvoorbeeld niet mee op ziekenhuisbezoek als een cliënt daar om vraagt.’’ Johan is elke week in touw om andere mensen te helpen. “Soms hebben mensen gewoon wat
vragen en kunnen ze prima zelfstandig verder, maar het komt ook voor dat hier iemand met twee vuilniszakken vol post, ook met ongeopende rekeningen, op de stoep staat. Dat laatste is niet de bedoeling, dan heb je te lang gewacht. Als dat gebeurt – vaak uit schaamte of door onderschatting van het probleem – verwijzen we door naar de schuldhulpverlening, naar de Financiële Winkel. Wij bieden alleen hulp bij thuisadministratie.’’ “Mensen helpen die het moeilijk hebben, daar haal ik mijn voldoening uit’’, zegt Johan. “En als je dan ziet dat mensen die op tijd aan de bel trokken, er met een beetje hulp verder zelf uitkomen, dan weet je: dáár doe ik het voor.’’

 

Bekijk hier de volledige themapagina

Ilse blaakt weer van het zelfvertrouwen

Ilse Laros voelt zich als herboren. Leukemie en een posttraumatische stressstoornis (PTSS) hielden de 36-jarige Delftse jarenlang in een wurggreep. Een mentale weerbaarheidstraining van Delft voor Elkaar hielp haar eruit.

“Ik heb heel lang met een hoofd vol onzekerheden rondgelopen”, zegt Ilse, die verpakkingswerk doet bij Werkse!. “Ik ben blij met mijn baan, maar ik ben eigenlijk opgeleid om secretarieel werk te doen. Of eventueel iets in de grafische vormgeving. Mede door mijn ziekte is dat er niet van gekomen. Soms was ik boos, dan juist te aardig. Ik kon geen ‘nee’ zeggen, ook als ik wist dat dat het beter voor me was. Ik kroop steeds verder in mijn schulp. Had heel lang een houding waar de mensen om me heen zich geen raad mee wisten. Ikzelf ook niet. Gelukkig heeft iemand me attent gemaakt op de trainingen bij Delft voor Elkaar. Het was niet gemakkelijk om toe te geven dat ik die steun nodig had, maar ik ben heel blij dat ik het heb gedaan.” Dat vindt Nicole Vermeij, trainer bij Delft voor Elkaar, ook.

“Emotioneel ben ik sterker geworden en heb veel meer zelfvertrouwen dan een jaar geleden”

Ze weet dat er veel meer mensen zijn zoals Ilse, die met relatief weinig moeite veel aan hun situatie zouden kunnen doen. “We leggen in de weerbaarheidstraining de nadruk op wat de deelnemer zelf wil. Heb je een ja-gevoel, prima. Heb je een nee-gevoel, ook goed. Maar benoem het. Doe geen dingen die je niet wilt doen, alleen maar omdat anderen dat van je verwachten. Dat is niet eenvoudig en toch zie ik bij veel deelnemers dat ze snel sterker worden.”

Met ademhalingsoefeningen, letten op haar lichaamshouding, werken aan haar stemgebruik en oogcontact heeft Ilse enorme sprongen gemaakt. “Emotioneel ben ik sterker geworden en heb veel meer zelfvertrouwen dan een jaar geleden. Daardoor voel ik me beter in mijn baan en het vrijwilligerswerk dat ik doe. Bovendien heb ik tijdens de trainingen mensen leren kennen die in een vergelijkbare situatie zitten als ik. Dat was fijn want je begrijpt elkaar en kunt elkaar adviseren. Ik kan het iedereen aanbevelen, ook als de eerste stap moeilijk lijkt. Gewoon doen!”

 

Bekijk hier de volledige thema pagina

Delftvoorelkaar_Thema_Vrijwilliger

Als vrijwilliger maak je iedereen blij

Het is december en dus buigen we ons over een lijstje goede voornemens voor 2018. Delft voor Elkaar weet er wel eentje: word vrijwilliger bij Sophia Revalidatie. Daar maak je veel mensen blij mee. Inclusief jezelf!

Sophia Revalidatie is een revalidatiecentrum met meerdere vestigingen. In Delft zit Sophia, naast het Reinier de Graaf Gasthuis. “Wij zetten ons elke dag in voor onze patiënten; kinderen, jongeren en volwassenen die medisch specialistische revalidatiezorg nodig hebben”, zegt vrijwilligerscoördinator Inge van Driel. “Dat doen we met een fantastisch team, maar we kunnen het niet alleen. We werken ook met een enthousiaste groep vrijwilligers. En we kunnen altijd meer vrijwilligers gebruiken.”Inge is goed te spreken over de vrijwilligers die al voor Sophia Revalidatie Delft werken. Ze begeleiden onder andere patiënten op de verschillende afdelingen, ondersteunen bij de afdeling revalidatietechniek en maken kleine therapiematerialen schoon. “Onze vrijwilligers zijn een hele belangrijke schakel in het geheel”, zegt Inge. “We zijn immers continu met en voor mensen bezig. We willen onze nieuwe vrijwilligers eerst goed leren kennen voordat we met elkaar in zee gaan. Ik plan meestal een kennismakingsgesprek na bemiddeling door Delft voor Elkaar. Daar kunnen vrijwilligers zich voor een dag of dagdeel per week aanmelden.”

Gastvrouw
Gastvrouw Marijke ‘t Hart besloot in 2012 die stap te zetten. Ze had er de tijd voor en kreeg via via de tip dat Sophia Revalidatie Delft vrijwilligers zocht. “Ik was eraan toe om weer eens collega’s om me heen te hebben”, zegt ze enthousiast. “En iets doen waarmee ik andere mensen gelukkig maak, dat leek me wel een goed idee. Ik heb me aangemeld en daar heb ik nog geen moment spijt van gehad. Ik ontvang mensen, begeleid ze naar de afdeling waar ze moeten zijn en zorg dat ze zich een beetje op hun gemak voelen. Hartstikke leuk en dankbaar werk. En Sophia geeft je de kans om je met cursussen en trainingen verder te ontwikkelen. Ik kan het iedereen aanraden!”

Taaloefenplekken
“We zijn ongelofelijk blij met iemand als Marijke”, besluit Inge van Driel. “Zoals Marijke willen we graag meer vrijwilligers hebben. Dat kunnen ook mensen zijn die de Nederlandse taal nog niet goed spreken. Delft voor Elkaar heeft speciale ‘taaloefenplekken’ waar mensen tegelijk goed werk doen en met de hulp van een maatje de taal kunnen leren. Zo snijdt het mes niet aan twee, maar aan drie kanten. Dat is een van ónze goede voornemens voor 2018″

 

Bekijk hier de volledige themapagina van december 2017

Rebecca Afrifa is elke vrijdag te vinden bij ‘Lekker Bezig’: “Ik heb de draad weer opgepakt”


Via Delft voor Elkaar gaat Rebecca Afrifa (60) tegenwoordig naar houtbewerking en conversatieles. Ondanks haar ziekte (sikkelcelanemie) richt Rebecca zich vooral op activiteiten die wél lukken en haar voldoening geven.

Met een geconcentreerde blik is Rebecca Afrifa in de werkplaats aan de slag met gereedschap. De geboren Ghanese is sinds twee maanden elke vrijdag te vinden bij ‘Lekker Bezig’ van de Stichting Stunt aan de Rotterdamseweg, waar ze haar creativiteit kwijt kan bij houtbewerking. Rebecca: “Ik vind het fijn om creatief bezig te zijn. We maken hier van oud hout bijvoorbeeld kratjes, lampen, stoelen en tafels.’’ Rebecca wijst trots op de fraaie collectie die zij en haar collega-vrijwilligers hebben gemaakt.

Delft voor Elkaar-consulent

Rebecca kwam via Delft voor Elkaar-consulent Fred van Berkum terecht bij de activering houtbewerking en conversatieles. “Ik wil vloeiend Nederlands leren spreken.’’ Daarmee heeft Rebecca de weg omhoog gevonden na een moeilijke periode. “Ik was getrouwd met een Nederlandse man en had een schoonmaakbedrijfje tot ik ziek werd. Er was niemand om me te helpen, ik had schulden en kwam terecht in een uitkering.’’

Volledig

Het liefst zou Rebecca weer op zoek gaan naar een volledige baan, maar haar ziekte (‘de ene dag gaat het goed, de volgende dag gaat het waardeloos’) weerhoudt haar daarvan. Daarom is de vrijwillige houtbewerking voor haar een uitkomst. “Als het niet goed met me gaat, kan ik weg. Maar ik vind het fijn om hier weer mensen te ontmoeten. Als ik alleen thuis zit, ga ik te veel piekeren.’’

Vermeer

Maar ook als single ziet Rebecca tegenwoordig weer de zonnige kanten van het leven. “Ik woon nog niet zo lang in Delft, maar vind het een prachtige stad. Mensen zijn vriendelijk en ik houd van de historische binnenstad, de musea en het Vermeer Centrum. Ik voel me sterk verwant met het meisje op Vermeers schilderij ‘Het meisje met de parel’. Het gelijknamige boek beschrijft haar leven, dat lijkt op mijn situatie: het meisje met de parel heeft het zeker niet makkelijk, maar maakt wel duidelijk haar eigen keuzes. Dat wil ik ook.’’

Delft voor Elkaar

Kunt u net als Rebecca advies gebruiken dan kunt u terecht bij Delft voor Elkaar. U kunt zelf hulp vragen maar ook familie, hulpverleners, huisartsen, thuiszorg of instanties.

Contact

  • Stuur een e-mail naar info@delftvoorelkaar.nl of vul het contactformulier in op www.delftvoorelkaar.nl
  • Bellen kan ook: 015 – 7600 200.
  • Wilt u direct persoonlijker contact dan kunt u terecht bij een van de wijkcontactpunten. Spreekuurtijden vindt u op de website.

Kijk hier voor de themapagina van november 2017!

‘Je moet er wél voor hem zijn’

Samen met zijn oudere broer mountainbiken in het park, daar heeft ‘jonge mantelzorger’ Stefan van den Bosch (12) lol in. En dat lukt ook best, maar het blijft een beetje uitkijken: broer Dylan (14) heeft namelijk autisme en een verstandelijke beperking.

Stefan is tijdens het mountainbiken ‘jonge mantelzorger’ – Dylan mag niet in z’n eentje fi etsen – en probeert er zo veel mogelijk te zijn voor zijn broer. Maar hij is in de eerste plaats Stefan: een brugklasser, die het prima naar zijn zin heeft op het CLD. Een ‘nieuwe Delftenaar’, want het gezin Van den Bosch verhuisde afgelopen zomer vanuit Pijnacker naar de wijk Buitenhof. Hij is enorm sportief; een liefhebber van taekwondo. Zijn prijzenkast is al goed gevuld; broer Dylan is misschien wel zijn grootste fan. “En ja, zoals alle broers hebben we weleens ruzie”, zegt Stefan: “Sinds we allebei op de middelbare school zitten, hebben we af en toe ‘discussietjes’. Als Dylan iets in zijn hoofd heeft, moet dat gewoon gebeuren. Vroeger gingen we vaak samen gamen, maar hij wil graag zijn zin doordrijven. Dan trek ik me meestal maar even terug; dat is gewoon het beste om het gezellig te houden.’’

Brusjes
Eerder dit voorjaar nam Stefan deel aan vijf bijeenkomsten van de ‘Brusjes groep’, van Delft voor Elkaar. Die ‘Brusjes’ zijn kinderen van 8 tot en met 12 jaar die opgroeien met een broer of zus met een beperking, autisme of chronische ziekte. Het helpt als je in een groep praat en spelletjes doet met andere kinderen die min of meer hetzelfde meemaken, merkte Stefan. “En je leert hoe je thuis beter kunt omgaan met elkaar.’’ Maar je leert er ook dat je vooral jouw leven moet blijven leiden. Daar zijn ook zijn ouders alert op: Stefan moet zich vooral niet voortdurend ‘opoff eren’ voor zijn broer. Moeder Nita: “We zeggen altijd tegen Stefan: je hoeft niet voor ‘m te zorgen; je moet er wél voor hem zijn.’’ Daar hoeven ze zich weinig zorgen om te maken.

Dubbel gevoel
Als Dylan soms een begeleid logeerweekend heeft, dan kan de rest van het gezin bijkomen en activiteiten ondernemen waar ze anders niet aan toekomen. Dat geeft een dubbel gevoel, zegt Stefan lachend: “Aan de ene kant is het fijn omdat het thuis wat rustiger is, maar eigenlijk mis ik Dylan dan ook. Het is toch mijn broer. “Hoewel Dylan onvoorspelbaar kan reageren, is die liefde wederzijds, weet Stefan: “Toen ik de tweede prijs had behaald bij een taekwondo-toernooi, ging hij een lekkere taart voor me bakken.”

 

 

 

“Eenzaamheid aanpakken begint met het leggen van contact”

Ben je eenzaam? Er is iets aan te doen! Voel je je alleen? Heb je weinig mensen om je heen? Zou je er graag hulp bij willen? Kun je een steuntje in de rug gebruiken? Er zijn vele mogelijkheden eenzaamheid aan te pakken.

Wat is eenzaamheid?

Het is de Week tegen Eenzaamheid. Deze week is eenzaamheid volop in de media, terwijl er doorgaans weinig over wordt gepraat. Eenzaamheid is een verborgen probleem. Het is ook niet direct te zien dat mensen eenzaam zijn.

Eenzaamheid is niet hetzelfde als alleen zijn; het valt wel regelmatig samen. Je kunt dus letterlijk alleen zijn. Maar je kunt je ook eenzaam voelen in een huwelijk. Of in een kamer vol verjaardagsvisite. Kortom, eenzaamheid is een persoonlijke ervaring. Bovendien heeft de een meer betekenisvolle relaties of een groter sociaal netwerk nodig dan de ander.

Wat kun je zelf doen tegen eenzaamheid?

1. Sta open voor contact

Mahasta van der Kooij-Dawarpanah is cliëntondersteuner bij Delft voor Elkaar. Zij komt regelmatig in contact met mensen die alleen zijn of zich eenzaam voelen. Mahasta: “Vereenzaming is een groot probleem in onze huidige maatschappij. Het is een verantwoordelijkheid voor de hele samenleving.

Weet je dat je met een klein gebaar al een heleboel kunt betekenen? Wees niet afwachtend en kijk om naar je buren. Maak af en toe een praatje met een buurman die alleen is. Vraag aan je buurvrouw: ‘Hoe gaat het met u vandaag?’ De samenleving zou zoveel mooier zijn als we wat meer openstaan voor contact.”

2. Investeer in vriendschappen

Elaine Dingemans werkt ook als cliëntondersteuner bij Delft voor Elkaar. Zij benadrukt dat het voor iedereen belangrijk is een netwerk op te bouwen, met name voor de groep mensen tussen de 45 en 70 jaar. “Niet alleen met leeftijdsgenoten, maar ook met jongere mensen. Zo heb je ook een netwerk als je ouder bent en mensen om je heen wegvallen.”

Iedereen is in eerste instantie zelf verantwoordelijk voor het voorkomen van eenzaamheid, dus investeer in zinvolle contacten. “Veel mensen hebben het druk met werk, huis en gezin. Toch is het belangrijk om nu te investeren in vriendschappen”, zegt Elaine. “Een luisterend oor of een arm om je heen. Het idee dat er mensen zijn die om je geven, geeft heel veel steun in goede en slechte tijden.”

3. Praat met een welzijnscoach

Wie eenzaam is, kan ook baat hebben bij Welzijn op Recept. Anja van Oosten, Sociaal werker: “Een huisarts of fysiotherapeut geeft een doorverwijzing naar een welzijnscoach. Deze coach gaat samen met je na hoe je eenzaamheid kan doorbreken. Denk aan bijvoorbeeld vrijwilligerswerk, een maatje, deelnemen aan een activiteit of de training ‘Gewoon Doen’. Kortom, iets waar je weer blij van wordt.” Zo zijn al veel mensen beter in hun vel komen te zitten en weer in contact met anderen. Via Welzijn op Recept kan iemand ook meedoen aan Sport je Fit!, waarbij coaching een onderdeel is. Ga naar je huisarts voor een doorverwijzing.

4. Doe vrijwilligerswerk

Delft voor Elkaar Mensen ontmoeten, hulp bieden aan anderen? Denk eens aan vrijwilligerswerk en neem een kijkje op de vacaturebank: www.delftvoorelkaar.nl/vacatures. Het fysieke inlooppunt voor vragen over vrijwilligerswerk – Het VrijwilligersPunt – is bij Delft voor Elkaar aan de Van Bleyswijckstraat 91 op dinsdag- en donderdagochtend. Je kunt dan zonder afspraak binnenlopen tussen 9.00 en 12.00 uur.

Interkerkelijk stadsdiakonaat

Het Interkerkelijk stadsdiakonaat organiseert matches tussen mensen die een buddy zoeken en de vrijwilligers van het stadsdiakonaat. Joke Tummers: “Voor onze vrijwilligers is het contact net zo belangrijk als voor iemand die hulp nodig heeft. Vaak zijn vrijwilligers mensen die ook eenzaam zijn en een doel in het leven nodig hebben.

Wat je verder zelf kunt doen tegen eenzaamheid? Breid je netwerk uit, dat is heel belangrijk! En sta positief in het leven; geniet van kleine dingen.” Kijk voor meer informatie op www.stadsdiakonaatdelft.nl of bel 015 214 05 51.

5. Loop binnen bij een wijkcontactpunt

Iedere Delftenaar kan zonder afspraak met zijn vragen binnenlopen bij één van de wijkcontactpunten van Delft voor Elkaar. Het kan gaan om sociale en praktische vragen op het gebied van wonen, zorg, welzijn, fi nanciën en sport. En dus ook bij vragen over eenzaamheid en wat ermee te doen. Medewerkers van Delft voor Elkaar geven persoonlijk advies en denken mee over een oplossing.

Kijk voor een contactpunt bij jou in de buurt op: www.delftvoorelkaar.nl/contact

Meldpunt Bezorgd

Woon je in een flat met ouderen? Heb je iemand al een tijdje niet gezien? Zie je ergens dat de gordijnen lang dicht blijven? Meldpunt Bezorgd is onderdeel van de gemeente Delft. Je kunt jouw melding doorgeven als je je ernstige zorgen maakt om mensen die in een zorgelijke situatie verkeren en daar geen hulp voor vragen. Je kunt een melding online doorgeven via www.delft.nl of bellen met 0900 040 040 5.

 

Gezond leven – dat kan jij ook

Vrijwilliger Aad brengt Tini drie keer per week naar het zwembad

‘Dankzij hem kan ik blijven zwemmen’

Ze zwemt al vanaf haar elfde. En sinds kort heeft Tini Kenter (87) een ‘eigen chauffeur’: een vrijwilliger die haar naar het zwembad rijdt en weer thuis brengt. ‘Ik ben zó blij met hem.’

Drie keer per week is ze in het zwembad te vinden. Ook nu haar gezondheid wat minder goed is, blijft ze oefeningen doen in het weldadig warme water. “Mijn benen hebben het gewoon nodig”, vertelt Tini. “Als ik niet blijf bewegen, gaat het mis. Bovendien: het is hier zó gezellig. Ik maak met iedereen wel een babbeltje. En ik heb thuis een mooie stoel hoor, maar daar wil ik zo min mogelijk in zitten. Daarom fiets ik ook op de hometrainer – elke dag 10 minuten.”

Vervoer

Tini is al heel lang weduwe en afhankelijk van anderen voor vervoer. Zeker nu haar beste vriendin is overleden. Met haar reed ze mee naar het zwembad, waar ze vanaf 8 uur ’s morgens samen baantjes trokken. De Regiotaxi bood geen uitkomst. “Die rijdt gewoon niet op tijd”, vertelt Tini.”

Vrijwilliger

Gelukkig kwam ze in contact met Sonja Koelewijn van Delft voor Elkaar. Zij bracht Tini in contact met de Particuliere Vervoersdienst. Daar zochten ze een vrijwilliger die haar naar het zwembad wilde begeleiden. En zo kwam Tini’s redder in nood in beeld: Aad Overdevest, 58 jaar oud, gelukkig getrouwd – en net tussen twee banen in. “Inmiddels heb ik weer een baan voor 20 uur per week, maar ik blijf Tini rijden. Als ik ergens blij van word, dan is het wel als ik iets voor een ander kan doen.

Vriend?

Twee keer per week duikt Aad zelf ook met Tini het water in en eens per week gaat hij tijdens Tini’s zwemuurtje hardlopen. In het begin waren de reacties in het bad niet van de lucht: “Is dat je nieuwe vriend Tini? Mag ik ‘m eens lenen?” Aad moet er smakelijk om lachen. “De sfeer is hier goed. En ja, ik vind het heerlijk om zelf ook een paar baantjes te trekken. Ik hou van bewegen. Ik doe aan hardlopen, fiets veel en wandel met de hond. Het aardige is dat dit vrijwilligerswerk me bewust maakt van m’n eigen gezondheid. Ik ben dankbaar dat ik lichamelijk en geestelijk prima in orde ben. Bij mijn levensovertuiging hoort ook een gezonde leefstijl, waarin een dieet past zonder alcohol en met weinig vlees.”

Zeekraal

Ook Tini leeft gezond. Ze woont zelfstandig en ze kookt voor zichzelf – elke dag. “Vandaag staat er zalm met zeekraal op het menu.” Maar eerst heeft Tini nog een gezellige middag voor de boeg. “Elke week komen mijn vriendinnen bij mij langs om kerstkaarten te knutselen. Mijn handen beginnen wel pijn te doen, maar ik houd vol. En ondertussen heb ik al een hele schoenendoos vol. Ik kijk er echt naar uit. Gezellig samen een kopje thee drinken met een plakje ontbijtkoek erbij. Die sociale contacten zijn me zoveel waard: mijn vriendinnen en het zwembad. En dankzij Aad hoef ik mijn zwembaduitjes niet op te geven. Daar ben ik hem heel dankbaar voor.”

Bekijk hier onze themapagina over gezond leven met informatie over sportieve en actieve kinderen, Ontmoet & spreek af en Uitclub.

‘Een vader om trots op te zijn’

Delft voor Elkaar organiseert conversatielessen voor mensen waarvan de Nederlandse taal niet de moedertaal is. Voor Ahmad Mousa uit Syrië was dit ook een opstap naar een baan. “Ik wil een voorbeeld voor mijn kinderen zijn. Die kunnen nu zeggen: mijn vader is verpleger en hij werkt bij De Bieslandhof. Zo ben ik een vader om trots op te zijn.”

 

 

Toen Ahmad twee jaar geleden naar de conversatieles ging sprak hij al een klein beetje Nederlands. “Nu kan hij een interview geven. Dat zegt genoeg”, zegt zijn docent Izaak Kijlstra trots.

Izaak geeft – als vrijwilliger – vier vakken: lezen, luisteren, spreken en schrijven. Hij vertelt dat tijdens de les met name uitdagingen uit de praktijk aan de orde komen. “Als iemand met een probleem bij je komt dan kun je het probleem overnemen en oplossen, maar daar leert iemand niet van.” Als voorbeeld vertelt hij dat Ahmad thuis brieven in het Nederlands kreeg, waarvan hij de inhoud niet begreep. Izaak hielp hem daarmee – in het Nederlands natuurlijk, want Izaak spreekt alleen Nederlands met zijn leerlingen.

Kansen

“We geven deze lessen om mensen de kans te bieden om werk te vinden, want zonder de Nederlandse taal kun je geen werk verrichten”, benadrukt Izaak. “Ik zeg tegen al mijn leerlingen: Ik open de deur een klein stukje voor je. Jij moet dan een voet tussen de deur zetten en naar binnen gaan. Écht goed de Nederlandse taal leren, leer je in alleen in de praktijk. Dat gaat niet in de les; Nederlands spreken moet je doen. En Ahmad doet dat perfect.”

In Izaaks klas zitten acht mensen van verschillende nationaliteiten. “We hebben veel plezier in de les. Er ontstaat een band; deelnemers helpen elkaar. Na de zomer vallen de cursisten elkaar in de armen, omdat ze elkaar twee maanden niet gezien hebben. Dat zegt genoeg over de sfeer!”, zegt Izaak.

Werkervaring

In Syrië was Ahmad verpleger met 12 jaar werkervaring. Hij wou graag weer in de zorg aan de slag. Samen met Izaak zocht hij naar vacatures en vulde vervolgens het sollicitatieformulier van Pieter van Foreest in. “De heer Izaak heeft de deur opengemaakt en ik moet doorlopen”, zegt Ahmad. Dat was spannend, maar na drie gesprekken kreeg hij een proefaanstelling als ‘helpende in de ouderenzorg’ en nu heeft hij een contract voor zes maanden. Tessa Snijers, verandermanager bij Pieter van Foreest: “Ahmad is leergierig, doet zijn werk serieus en is heel rustig. Bewoners vinden dat prettig.” Ahmad glundert als zij dit vertelt. Hij geniet ervan om weer in zijn vak te werken, met leuke en aardige collega’s en aardige bewoners.

Het belangrijkste was om de Nederlandse taal te beheersen. Door de conversatielessen heeft hij deze mogelijkheid gekregen. “De Nederlandse taal was echt het állerbelangrijkste en nu doe ik werkervaring op om een goede basis in de zorg te krijgen. Het komt wel goed”, zegt Ahmad.

Taaloefenplek

Niet iedereen slaagt erin om tijdens de conversatielessen een baan te bemachtigen. Bedrijven en organisaties kunnen deelnemers van de conversatieles ook met een zogenaamde taaloefenplek de mogelijkheid bieden om de Nederlandse taal in de praktijk te oefenen. Op die manier zijn ook meer mensen al doorgestroomd naar werk.

‘Mooi om te zien hoe mensen genieten’

In Delft is altijd iets te doen. Ook voor mensen met een verstandelijke beperking. Vrijwilliger Valerie Apon vertelt over het zomerprogramma van stichting VTV.

Valerie werkt al jaren als vrijwilliger voor VTV, voluit: stichting Vrijetijds- besteding, Thuishulp en Vormings- activiteiten – met vestigingen in Den Haag, Leiden en Delft. Zo’n zeven jaar geleden draaide ze voor het eerst een bingo bij Vrijetijdscentrum De Wipmolen. Sindsdien verricht ze allerlei hand- en spandiensten bij VTV, ze draait bardiensten en begeleidt deelnemers tijdens de uitjes en activiteiten. “Met veel plezier”, vertelt Valerie. “Ik vind het superleuk om te doen en krijg er energie van. Het is hier altijd even gezellig en het is echt heerlijk om met deze mensen te werken. Ze kijken lang uit naar de activiteiten waarvoor ze zich hebben ingeschreven, dus op het moment zelf is het één groot feest.”


Zomeractiviteiten

VTV organiseert het hele jaar door leuke-dingen-om-te-doen voor kinderen, jongeren en volwassenen met een beperking. Van toneel, film kijken en koken tot schaken, bowlen en Zumbadansen. Die activiteiten komen tijdens de zomervakantie te vervallen. Daarvoor in de plaats komen weer andere leuke uitjes en bezigheden. Zoals een uitstapje naar vogelpark Avifauna, gezellig samen wokken of high tea-en, bingospelen of bloemschikken. En wat te denken van een dagje Efteling? Of een rondvaart door de Delftse grachten?

Achtbaan

“Je ziet, er is voor elk wat wils. We bieden een mooie mix van lekker bezig zijn, jezelf ontwikkelen, creatief aan de slag, leren en ontspannen”, vertelt Valerie. “Uit ervaring weet ik hoe blij het mensen maakt om zo met elkaar bezig te zijn, even niet aan werk of school te hoeven denken, maar helemaal op te gaan in de leuke dingen van die dag. En de sfeer is altijd even goed. Zoals vorig jaar tijdens een uitstapje naar Duinrell. Wilden die enthousiastelingen natuurlijk in de achtbaan. Doodeng! Maar onze stoere jongens stapten er zonder aarzeling in. ‘Echte mannen durven álles’ kreeg ik te horen op mijn vraag of ze dat echt wel durfden.”

Lammetjes

“De uitstapjes zijn niet alleen fijn voor de deelnemers. Ook de vrijwilligers hebben een heerlijke tijd”, zegt Valerie. “En dat is mooi, want het zijn de vrijwilligers die meedoen mogelijk maken. De meeste vrijwilligers kennen elkaar al wat langer.
Er zijn hier dan ook veel vriendschappen geboren. En al is het werk op zich best zwaar tijdens zo’n uitstapje, je bent natuurlijk wel verantwoordelijk voor de mensen die je onder je hoede hebt, we hebben toch reuzeveel plezier met elkaar. Zoals vorig jaar bij de Bieslandhoeve. Daar mochten de deelnemers lammetjes laten drinken, koeien melken, geitjes aaien. Je ziet gewoon hoe die zintuigen werken en hoe de mensen genieten van het niet-alledaagse.
Ik ben blij dat ik dit werk mag doen, ik heb hier vriendschappen gesloten en mezelf kunnen ontwikkelen. En dat geldt voor de meeste vrijwilligers. Zoals de notaris en ondernemer en andere leden van de Rotary of Lions Club, die meedraai- en als chauffeur of een andere taak op zich nemen. Het is mooi om iets voor een ander te doen. En je krijgt er zoveel voor terug.”

Lees hier de hele pagina: ‘We hebben zin in de zomer!’